Hieronder vind je interessante correspondentie over het roken van sigaren. Hey Frank & co Als ik een sigaar rook, dan begint die telkens na 1/4 reeds wat bitterder te smaken (mijn inziens te vroeg om reeds afscheid te nemen) Heb dit weekend samen met een kameraad ne romeo y julieta gerookt en de zijne was beduidend zachter dan de mijne, zijn askegeltje kleur zwarter op de sigaar, de mijne was lichtgrijzer Ik stel me 2 vragen: 1 Rook ik foutief? - te veel trekken? - te diep trekken? 2 Is het nu goed of slecht om het askegeltje zo lang mogelijk op de sigaar te laten staan? Ik hoor van liefhebbers dat ze tot 5 cm kunnen... Thanks Beste klant,
Als je me had verteld dat je sigaar na 2/3 zijn "omslagpunt" (bitterder wordt) bereikt had, dan zou ik je kunnen geruststellen. Want het laatste 3e van een sigaar is de natuurlijke filter, waar de afvalstoffen, die zorgen voor de iets kruidiger smaak, zich ophopen. Laat daarom je sigaar na 2/3 een natuurlijke dood sterven. Leg ze gewoon neer in de asbak, zonder ze "de nek om te wringen". Het is moeilijk om je rookgedrag te evalueren zonder dat ik je "bezig" gezien heb. Ik geef je toch graag enkele tips, die invloed kunnen hebben op de smaakevolutie. Het goeie nieuws eerst : het feit dat jouw as grijs was en die van je vriend zwarter, duidt erop dat jouw dekblad van een betere kwaliteit was dan dat van hem. Een perfect havana dekblad brandt inderdaad grijzig ; zwart duidt op een tekort aan magnesium in de grond. Wat de askegels van 5 cm betreft : het is algemeen bekend dat macho's, die problemen hebben met rechtopstaande zaken, dit proberen te compenseren met heel lange askegels. Een askegel van 1 tot maximum 1,5 cm is ideaal want hij verspreidt de luchttoevoer en drukt de temperatuur van het brandende gedeelte : dit geeft meer en zachtere aroma's vrij. Een sigarettenroker heeft de neiging om zijn askegel heel klein te houden : dit verhoogt de temperatuur. Ook in het normale roken is het heel belangrijk dat je zacht trekt en de nodige pauzes neemt tussen de verschillende trekjes in. Een sigaar moet "smeulen", niet "branden". Dan alleen komen alle smaakelementen tot hun recht. Als je te snel of te intens aan een sigaar trekt, pook je het vuur als het ware te fel aan. Op die manier is de rook ook te heet als hij in de mond komt en beschadigt hij de smaakpapillen en wordt de rookervaring veel scherper. Je moet de rook niet verder laten gaan dan de mondholte ; immers smaakpapillen liggen op tong en verhemelte. Keel, luchtpijp en longen hebben andere functies, die totaal niks met tabaksdegustatie te maken hebben. Rook door de neus uitademen is dus uit den boze : het is een bewijs dat men te ver inhaleert. Ik hoop dat je met deze tips je "rookgenot" kan optimaliseren. Tabaksdegustatie heeft alles te maken met "rust en bedachtzaamheid" ; het is in onze stressy high tech maatschappij een ideale ontspanning. Tot binnenkort ! Groeten, Frank |